Medicatieveiligheid in de keten

Bij het stellen van een diagnose of het starten van een behandeling, wordt door de arts voornamelijk gebruik gemaakt van het eigen dossier en de eigen bevindingen,. Dit terwijl er meer relevante informatie rondom de patiënt beschikbaar is in andere bronnen. Met andere bronnen wordt bijvoorbeeld het dossier van de apotheker, een waarnemend huisarts, een specialist of de patiënt zelf bedoeld. Er is nog te weinig bewustzijn rondom de toegevoegde waarde van deze bronnen. Terwijl deze informatie, naast het verhaal van de patiënt zelf, een belangrijke bijdrage kan leveren aan veilige zorg. Kijkend naar medicatie, ziet het RZCC het als haar taak om medicatieveiligheid in de keten te bevorderen door het gebruik van externe bronnen tot een normaal geaccepteerde werkwijze te maken.

Share on FacebookShare on Google+Tweet about this on TwitterShare on LinkedInPin on Pinterest

De meest voor de hand liggende oplossingsrichting is het bevragen van externe brondossiers via het Landelijk Schakelpunt (LSP). Hoewel alle apothekers, de meeste ziekenhuizen en een groot deel van de huisartsen op het LSP zijn aangesloten en een hoog opt-in-percentage in hun patiëntenpopulatie hebben verzameld, wordt het LSP nu nog niet optimaal gebruikt. Met name de huisartsen in Oost-Brabant gebruiken het LSP nauwelijks in hun dagelijkse werk. Om die reden focust het RZCC het eerste half jaar van 2017 op de huisartsen in de regio.

Concreet stimuleert het RZCC met projecten de bewustwording bij de huisartsen over het LSP-gebruik. Niet alleen op de huisartsenpost bij de waarnemende huisartsen, ook in de dagelijkse huisartsenpraktijk zal het gebruik worden gestimuleerd. Het doel is om de huisarts te ondersteunen in het gebruik van de beschikbare informatie uit externe bronnen, zoals de professionele samenvatting van de huisarts, de medicatieverstrekkingen van de apotheker en intoleranties, contra-indicaties en allergieën (ICA) vastgelegd in het dossier van de huisarts of apotheker.